Ze zou wel al die vreugde willen opslaan voor later. Maar liefde is als de zon, daar kun je geen voorraad van aanleggen. Elke keer is uniek en wordt uitgewist als de golven die terugkeren in de schoot van de oceaan. ‘Zout op mijn huid’ is een boek van Benoîte Groult dat in 1988 in het Frans verscheen en in 1990 vertaald uitkwam in Nederland. Groult snijdt de vrouwelijke verlangens aan en de rolpatronen die mannen en vrouwen gevangen houden. Het boek toont gelijkenissen met haar boek ‘Een eigen gezicht’. Met ‘Zout op mijn huid’ schreef ze een boek dat in de jaren negentig internationaal veel lezers trok, niet alleen vanwege de zinderende liefdesrelatie die erin beschreven wordt, maar ook vanwege de manier waarop Groult haar vrouwelijke hoofdpersoon een stem geeft die ongewoon eerlijk en direct spreekt over verlangen, zinnelijkheid en de tegenstellingen tussen intellect en lichamelijkheid, net zoals in ‘Een eigen gezicht’ “En toch laten zelfs de meest middelmatige dromen bij hen die ze hebben bezocht nog een indruk achter, een geur die pas na enkele dagen geheel is verdwenen. Iemand is ontsnapt uit tijd en ruimte om je een teken te geven.” Het boek vertelt het verhaal van George, een slimme vrouw van goede afkomst uit de stad die heel jong de Bretonse visser Gauvain ontmoet tijdens haar vakantie. Wat begint als een jonge, vluchtige en intense vakantieliefde, groeit uit tot een langdurige, complexe relatie die de conventies en verwachtingen van de samenleving tart. “Ik had geen behoefte aan mooie herinneringen op sterk water. Ik haat mooie herinneringen. Ik hou alleen van mooie vooruitzichten.” Het contrast tussen George en Gauvain is groot: zij, de gecultiveerde, goed opgeleide vrouw die leeft in de wereld van literatuur en ideeën; hij, de eenvoudige visser, stevig verankerd in de natuur en het fysieke bestaan. Hun verhouding draait in eerste instantie vooral om lichamelijke aantrekkingskracht, maar in de loop van de tijd krijgt het iets diepers. Centraal staat de verloren liefde die gedurende het leven in alle hevigheid terug blijft komen, net als in het boek ‘Een eigen gezicht’. Dit is een van de belangrijkste parallellen tussen de boeken, naast natuurlijk de thematiek van een vrijgevochten vrouw en de rolbepaling tussen mannen en vrouwen die je als de tralies van een kooi beperken. “En ik wist dat mijn moeder het ermee eens zou zijn geweest dat ik leefde voor twee. Ook zij had last van levenshonger en was niet van plan op welk gebied dan ook iets mis te lopen. Soms moet je anderen ontrouw kunnen zijn om jezelf niet ontrouw te zijn: dat was een van haar principes.” Toch is er ook een verschil tussen de twee boeken. ‘Zout op mijn huid’ is intiemer, persoonlijker en meer gericht op het emotionele en lichamelijke verlangen. Het is geen maatschappelijk manifest, maar eerder een liefdesverklaring. Niet alleen aan een man, maar vooral aan het idee dat vrouwen zich vrij mogen voelen om hun eigen verlangen te erkennen en na te leven. Groult zet in dit boek expliciet een groot contrast neer. George en Gauvain lijken elkaars tegenpolen: intellect versus lichamelijkheid, stad versus platteland, cultuur versus natuur. “Hij hoorde echt bij dat volk waarvan de geografie onduidelijk en in de geschiedenis omstreden is, en dat meer dichterlijke dan werkelijke sporen heeft achtergelaten.” Het zou gemakkelijk zijn geweest om deze tegenstelling clichématig uit te werken, maar Groult geeft er juist kracht aan door te laten zien hoe beide werelden elkaar niet alleen aanvullen, maar ook voortdurend bevragen. De relatie tussen de twee hoofdpersonages is daardoor nooit simpel. Groult speelt in haar verhaal voortdurend met die spanning, en dat maakt dat het boek mij vast heeft weten te houden. Groult heeft een toegankelijke en ontspannen schrijfstijl wat dit een gemakkelijk te lezen boek maakt. Ze speelt met perspectieven om zo gevoelens te duiden en je mee te nemen in het verhaal. Wanneer de spanning en het verlangen te hevig worden in het boek, schakelt Groult over van de ik-vorm naar de derde persoon. Zo creëert ze meer afstand en naar eigen zeggen is dit de enige manier voor de ik-persoon om het verhaal op te kunnen schrijven. Toch mis ik in dit boek de diepgang. Dat waar ‘Een eigen gezicht’ mij greep door het maatschappelijke perspectief te verweven met dat van de hoofdpersoon lijkt het in ‘Zout op mijn huid’ voornamelijk te gaan over het eindeloze verlangen. Dit gaat uiteindelijk dus ook slepen in het verhaal. Groult raakt heel voorzichtig de consequenties en worstelingen van een jarenlange affaire aan, maar blijft oppervlakkig. “Als je elkaar lang niet ziet, laat je je inderdaad meeslepen door je dromen. Op den duur hou je van iemand die niet helemaal meer bestaat, maar die door jouw verlangen gevormd wordt. Schrijven is verraderlijk. Liefde door middel van een briefwisseling is bedrieglijk.” Daarmee blijft het boek vooral hangen in de charme van de liefdesgeschiedenis en de beschrijvingen van lichamelijk verlangen. Voor wie meer zoekt dan een liefdesroman, kan het voelen alsof er veel onbenut is gebleven. Het boek leest heerlijk weg, maar ik blijf achter met het gevoel dat het méér had kunnen zijn, zeker gezien de scherpte die Groult in ander werk wel heeft laten zien. De kracht die dit boek in zich heeft, is de complexiteit en tegelijkertijd ongecompliceerde liefde die twee mensen samen kunnen hebben. “Hij is niet bang voor diepzinnigheden. En ik ben nergens meer bang voor met deze man. Ik laat mijn fantasie de vrije loop, ik zing of dans in zijn bijzijn alsof ik alleen was. Ik loop rond in kleren die ik zorgvuldig zal moeten verstoppen als ik naar het gewone leven terugkeer.” Het is een keuze die je maakt en die je moet willen maken om voor elkaar te gaan. Zelfs als deze keuze wordt veroordeeld door de mensen of maatschappij om je heen. Daar pleit dit boek hartstochtelijk voor. “De mooiste leeftijd is uiteindelijk de periode waarin je weet aan welke dromen je het meest bent gehecht; de periode waarin je er nog een paar kunt realiseren.” Wie Groult wil leren kennen, vindt in ‘Zout op mijn huid’ een fijne kennismaking, maar misschien geen volledig beeld van haar kracht als schrijfster. Daarvoor is het interessant om ook ‘Een eigen gezicht’ te lezen, waar haar scherpte en maatschappelijke betrokkenheid sterker naar voren komen. ‘Zout op mijn huid’ heeft iets lichts en charmants. Het leest lekker en is toegankelijk, meeslepend en destijds ongetwijfeld vernieuwend in de manier waarop vrouwelijke seksualiteit centraal werd gesteld. Het boek neemt je mee in een liefdesgeschiedenis vervuld met tegenstellingen. Zoek je naar een boek met diepgang, dan is mijn advies deze nog even op de leesstapel te laten liggen. Als je een heerlijk leesbaar boek wilt hebben om mee te beginnen is dit een fijn boek om mee af te trappen. “Ik ontdekte dat ik een gezonde aanleg had om gelukkig te zijn en een onverwachte neiging tot lachen en lichtzinnigheid. Want het ergste van ongeluk is niet zozeer dat je ongelukkig bent, maar dat je geen greintjes zorgeloosheid meer bezit, dat je niet meer kunt lachen of, beter nog, de zo heilzame slappe lach kunt krijgen, waardoor je helemaal uitgeschakeld bent en je hijgend en blazend van je ergste spanningen verlost raakt. Ongeluk is hopeloos serieus.” Zout op mijn huid van Benoîte Groult, vertaald door Annelies Konijnenbelt en Nini Wielink en uitgegeven door Arena in 1990. Ben je nieuwsgierig geworden? Dit boek kan je onder andere bestellen via deze link.
0 Opmerkingen
Het is de tegenstander die men bestrijdt, maar het is de mens die men vangt. Vladimir Volkoff’s ‘Dubbelen’, gepubliceerd in 1979 in het Frans en in het Nederlands vertaald in 1980, is geen typische spionageroman. Hoewel de klassieke bouwstenen van het genre als dubbelagenten, inlichtingendiensten, een meesterspion, een verleidster en een verrader zich allemaal aandienen, gebruikt Volkoff deze elementen om voor een diepgaande reflectie in politieke sentimenten wat hij vervolgens weet te verbinden met religie. Volkoff publiceerde een honderdtal boeken en slechts een viertal boeken zijn vertaald naar het Nederlands, waaronder dus ‘Dubbelen’. Met deze roman behaalde hij een wereldsucces. In Frankrijk werden 150.000 exemplaren verkocht en in 1980 zijn vijftien vertalingen aangekondigd. In het boek neemt de verteller ons mee in zijn inlichtingenwerk. Als romancier kijkt hij terug op een periode van zijn leven waarin zijn carrière op een spannend punt stond. “Nadat ik mijn grijze regenjas aan de wilgen gehangen heb, bezwijk ik nu, tien jaar later, voor de verleiding mijn hart langs typografische weg te luchten.” Hij schetst een wereld vol tekens, wonderen, maskers en iconen die allemaal een belangrijke rol spelen in dit avontuur. Met enige lef weet hij een dubbelspel te creëren waarbij verschillende inlichtingendiensten met elkaar verbonden zijn. Heel langzaam baant de romancier zich een weg door de personages, intriges en politieke spellen die gespeeld worden om tegen het einde de puzzelstukjes op hun plek te laten vallen. Al filosoferend en denkend, al communicerend en onderzoekend vormt zich langzaam, heel langzaam het verhaal van de spionage, intriges en de personages in dit dubbelspel. Volkoff geeft de romancier de rol van schrijver die terugkijkt op zijn tijd bij de inlichtingendienst en laat de romancier de stereotyperingen van personages in een spionageroman uitvergroten. De klassieke rollen zijn aanwezig: de naïeve intellectueel, de cynische agent, de meedogenloze ambtenaar, de dubbelspeler. Maar Volkoff speelt met deze archetypen op een haast allegorische manier. Zijn personages zijn eerder ideeëndragers dan realistische figuren; ze staan symbool voor grotere morele en ideologische krachten. Hij gebruikt de personages niet voor een conventioneel spannend plot van de typische spionageroman, maar voor een diepgaande reflectie met aandacht voor politiek en religie die hand in hand door het boek heen lopen. “Ik heb mijn hart altijd graag gezien als een vuist. Maar begrijpt u goed: ik ben bereid hem te openen. Ik geloof dat ik hem al een beetje voel opengaan. Ik dacht altijd dat een vuist het sterkste was in de wereld. Maar onlangs heb ik begrepen van niet. Er is iets dat beter is.” Het boek voelt enerzijds afstandelijk. De langzame opbouw van het verhaal maakt het zeker in het begin een uitdaging om de aandacht bij het verhaal te houden. Het is soms verwarrend om te lezen met alle personages en moeilijk om het verhaal te volgen. “Door vreemdeling te worden ben je ook van jezelf vervreemd, je spreekt alleen nog maar die taal van de buitenkant, je durft niet diep adem te halen, je maakt kleine stapjes, je buigt je hoofd een beetje en telt je centen en soms voel je een steek in je hart, maar hoe langer hoe zeldzamer.” Ik vond het tijdens het lezen ook lastig om beelden te vormen bij wat ik aan het lezen was door de redelijk afstandelijke schrijfwijze. Ik voelde mij letterlijk de vreemdeling op de afdeling die even mee mag komen kijken in een uitermate complexe wereld. Toch kent het boek ook vele lange en interessante dialogen over politieke intriges en het zich staande houden in de hiërarchische en politieke organisatie. Maar ook over de gesprekken en methodieken die de romancier toepast in zijn gesprekken waar hij informatie vergaart en de meest interessante zijn de dialogen die over religie en politiek gehouden worden. Volkoff weet religie en politiek met elkaar te verweven in hun uitersten waarin ze vergelijkbaar zijn. Het enthousiasme van de romancier in zijn avonturen is intrigerend en aanstekelijk. “Als ik me zo’n ontdekking voorstelde liep er een rilling over mijn rug, een rilling van nieuwsgierigheid en van begeerte, de rilling van een minnaar of een kunstenaar bij het zien van het ondoorgrondelijke mysterie van een ander.” Halverwege het boek pakt dit mij ook meer en vormt zich het verhaal waar je op wacht. De puzzelstukjes liggen gesorteerd op hun plaats en kunnen langzaam de puzzel gaan vormen. Zoals de intriges in het boek plaatsvinden, zo is het boek ook geschreven. Toen Volkoff ‘Dubbelen’ in 1979 publiceerde, bevond de Koude Oorlog zich in een van haar laatste, maar nog steeds intens geladen fasen. De Sovjetunie zat in het staartje van de Brezjnev-periode, waarin desinformatie een geformaliseerd onderdeel was van de buitenlandse politiek. In het westen groeide de bezorgdheid over ideologische beïnvloeding, niet alleen door klassieke spionage, maar ook via de media, culturele instellingen en intellectuele kringen. In dit boek weet Volkoff deze spanningen te vatten en tot leven te brengen in zijn karakters. Met een filosofische inslag die veel verder gaat dat politiek en religie, vormt dit boek een pleidooi voor morele helderheid. Tegelijkertijd overstijgt het boek zijn tijd en is nog steeds relevant. De thematiek van informatieoorlog, ideologische beïnvloeding en de vervaging van feit en fictie is vandaag relevanter dan ooit “Zodra ik wakker word kondigen een sterke gemoedsrust, een waakzame vrolijkheid, een genieten van het leven, aangevoeld als een weldaad die de perken niet te buiten gaat, me aan dat alles wat van mij afhangt goed zal verlopen, en zelfs dat het geluk tot op zekere hoogte op mijn hand zal zijn.” Het is een diepgaand boek met vele lagen dat veel verder gaat dan de spionageroman die zich op de oppervlakte afspeelt. Dat is vanaf het begin van het boek al duidelijk. De trage opbouw van het boek vergt enige aandacht, toch maakt de zoektocht naar de waarheid en de gelaagdheid het een intrigerend boek. Geplaatst in de tijdsgeest waarin het gepubliceerd is en de relevantie van die ontwikkelingen in onze huidige tijd, maakt ‘Dubbelen’ een boek van nu. Dubbelen van Vladimir Volkoff, vertaald door C. Jongenburger en uitgegeven door Elseviers Literaire Serie in 1980. Ben je nieuwsgierig geworden? Dit boek kan je onder andere bestellen via deze link. Wat irritant is van een verleden, is dat je nooit zult weten of het anders had kunnen zijn. Eenmaal thuis van de boekenmarkt in Deventer kijk ik nog eens rustig door alle boeken heen die ik gevonden heb. Daar liggen twee boeken van Benoîte Groult tussen, een schrijfster van wie ik nog niet eerder iets gelezen heb. Maar de beschrijving op de achterkant van het boek intrigeert me. En terecht, want 'Een eigen gezicht' is echt een lekker boek om te lezen. Een eigen gezicht vertelt het verhaal van Louise. Van jong meisje, kris kras door het leven heen, tot een vrouw met een eigen gezicht. De worsteling die zij heeft om volledig zichzelf te vinden en te zijn en haar eigen keuzes te maken, voel je door het boek heen. Een gevoel van overwinning, verslagenheid, vermoeidheid, vreugde en medelijden bekruipt mij afwisselend door het boek heen. En niet alleen Louise heeft moeite haar eigen weg te vinden. Hermine, de moeder van Louise, reflecteert op haar moeder en haar liefde voor de man met wie ze getrouwd is. We ontmoeten een eigenwijze en eigengereide vrouw. Vol liefde en passie probeert ze een weg te vinden. Ze vindt het bij een andere vrouw en in de kunst, haar eigenwijsheid en liefde heeft een plek. En dan maken we kennis met Louise. Ze is een probleemloze baby, een voorbeeldig meisje en gehoorzaam en slim. Maar haar zelfvertrouwen blijft achter in de schaduw van Hermine. “Kun je niet begrijpen, mama, dat ik mijn hele leven in jouw schaduw heb doorgebracht, dat ik me alleen in een bepaalde richting kon ontwikkelen als jij het goedvond en dat ik alleen voor mijn mening kon uitkomen als jij die goedkeurde? Ik bewonder je zo dat ik niet meer weet waar ik ben, dat ik niet meer op mezelf durfde te vertrouwen.” Louise verlooft zich uiteindelijk met een man waar haar moeder niets in ziet. Hij lijdt aan TBC en in de roerige tijd van de Tweede Wereldoorlog probeert hij zijn plek te vinden als man en zij als vrouw. Een innige liefde verbindt hen waarin Louise ze zich helemaal kan verliezen. “Sinds ik van je houd, is mijn egoïsme naar de andere partij overgelopen: jij bent van ons tweeën degene die het meest mij is.” Na een lange lijdensweg, komt hij uiteindelijk te overlijden, Louise voelt zich geamputeerd. Alleen, in een wereld die feest viert aan het einde van de oorlog, laat ze zich gaan en geniet er met volle teugen van. Ze leeft, geniet en bemint. Haar hart wordt veroverd door een grote Amerikaan, maar ze moet hem laten gaan. Op aandringen van haar moeder trouwt ze met een Fransman; een succesvolle en beroemde man. Ze krijgen kinderen en leven samen. Haar zoektocht gaat onverminderd voort, in haar werk ontdekt ze haar kracht en de moeite die het kost om als vrouw in deze samenleving te staan. Ze vecht voor haar vrijheid. Ze zoekt haar eigen gezicht. En ze vindt uiteindelijk de man terug waarbij ze helemaal zichzelf kan zijn. Het is een ontroerend en meeslepend verhaal van een vrouw in Frankrijk door de jaren heen. Op zoek naar wie ze is en wie ze mag zijn. In de ogen van haar moeder en in de ogen van haar geliefden. Hoe moeizaam het ook mag zijn, ze werkt langzaam toe naar haar eigen plek, haar eigen leven, haar eigen keuzes, ongeacht de mening van anderen. “Om zichzelf te kunnen overtreffen zal ze eerst op gelijke hoogte met zichzelf moeten komen.” Een rode lijn van zich verliezen en zich terugvinden in de relaties, in de liefde, loopt door het boek heen. “Ik ben geboren om lief te hebben en uit lafhartigheid heb ik de vrijdenker gespeeld. Omdat ik vreselijk bang was net zo te worden als de anderen, ben ik de anderen gaan haten. Je moet heel sterk zijn om te durven liefhebben.” Samen een pad vinden om op te lopen, wat uit elkaar kan lopen, elkaar weer kan vinden, of een definitieve splitsing teweeg brengt. Het hoort er allemaal bij en de liefde draaft onverminderd voort. Of wij onszelf erin kunnen vinden of niet. De stap die ze zet om zich over te geven aan de mannen in haar leven, volledig voor ze te gaan tegenover en toch ook in samenspel met de moed die het haar kost om haar eigen leven op te bouwen en te behouden, wordt heerlijk beschreven in dit boek. “Ik vind herinneringen ook onaangenaam: ze verhinderen me mijn verleden te reconstrueren zoals ik het zou willen, zoals ik denk dat het geweest is.” Aan het einde van het boek reflecteert Louise op de wens om een leven te hebben zoals ze het graag gezien wil hebben. De herinneringen blijven echter maar in de weg lopen. De herinneringen aan dit boek doen mij goed. De mooie reflectie op het leven, het leven van een vrouw met de vrouwen om haar heen, is krachtig en ontroerend. Een heerlijk boek om te voelen, om bij weg te dromen en in meegenomen te worden. Een eigen gezicht van Benoîte Groult, vertaald door Nini Wielink en uitgegeven door Arena in 1991. Ben je nieuwsgierig geworden? Dit boek kan je onder andere bestellen via deze link . |
Wie ben ikMijn naam is Anne Kleefstra. Ik lees al mijn hele leven graag. Vele vakanties en vrije uurtjes heb ik met mijn neus in de boeken doorgebracht. En ik vind het heerlijk! Categorieën
Alles
Archieven
December 2025
|



RSS-feed