Maar wij niet! En waarom? Omdat… Omdat ik jou heb om voor me te zorgen, en jij heb mij om voor je te zorgen, daarom. ‘Muizen en mensen’ van John Steinbeck is oorspronkelijk verschenen in 1937 en vertaald door Peter Bergsma uitgegeven in 2018 door Van Oorschot in Nederland. Steinbeck heeft het boek ten tijde van de Grote Depressie geschreven en het geeft een karakteristiek beeld van arbeiders die door het land trokken lang ranches op het Amerikaanse platteland. De diepe sporen van armoede, wanhoop en migratie die de Grote Depressie naliet op het platteland zijn voelbaar. Het is een dun boek, maar met een zwaarte die lang blijft hangen. Wat begint als een eenvoudig verhaal over twee mannen die samen van baan naar baan trekken, ontvouwt zich tot een aangrijpend drama over dromen, vriendschap, eenzaamheid en onvermogen. Over wat het betekent mens te zijn in een wereld die vaak weinig mededogen kent. “Zoals soms gebeurd, streek er een moment neer dat aanhield en veel langer duurde dan een moment. En geluid stopte en beweging stopte gedurende veel, veel meer dan een moment.” George Milton en Lennie Small, twee landarbeiders die door Californië trekken op zoek naar werk. George is klein, scherpzinnig en beschermend; Lennie is groot, fysiek sterk, maar heeft een licht verstandelijke beperking. Hun band blijft een hele tijd in het midden hangen, maar George is de beschermer, de denker, de stem van rede en Lennie is de goedmoedige, kinderlijke man die leeft met een aanstekelijk verlangen naar eenvoud: “Ik wil voor de konijntjes zorgen.” Die zin is het mantra van hoop en bedrog, de drager van het verhaal, het verlangen van de arbeider, de grootste droom en het doel van George en Lennie. Een eigen stukje grond hebben, onafhankelijk zijn, leven van wat ze zelf verbouwen. Het lijkt een fantasie, maar al snel blijkt die droom steeds dichterbij te komen als er andere arbeiders zich mengen in de droom. Toch blijkt deze niet bestand tegen de harde realiteit van hun bestaan. Steinbeck schrijft toegankelijk en in de taal van de arbeider en zo is het ook vertaald door Peter Bergsma. Het is karakteristiek en eenvoudig. Naast een aantal prachtige beschrijvingen van het ruige Amerikaanse land in al haar glorie, is het een boek wat voornamelijk bestaat uit dialogen. In die dialogen wisselt het van mooie verhalen vol hoop, tot oppervlakkige, grappige en bizarre gesprekken en gesprekken met diepgang en wijsheid. “An boeken heb je niks. ’n Mens heb iemand nodig – iemand in z’n buurt.” Door het gekozen taalgebruik heeft het boek niet alleen iets toegankelijks maar ook iets aandoenlijks en grappigs. De dialogen zijn gespekt met de armoede, de hoop en wanhoop van het leven, de eenzaamheid en de verbinding die ze bij elkaar zoeken in een vertrouwen wat nergens op gestaafd is, behalve een gezamenlijke vijand. “Heb je die handschoen aan z’n linkerhand gezien?” “Ja die heb ik gezien.” “Nou, die handschoen zit vol vaseline.” “Vaseline? Waarvoor in godsnaam?” “Nou, dat zal ik je zeggen… Curley zegt dat ie die hand zacht houdt voor zijn vrouw.” De dialogen schetsen de sfeer die het boek kenmerkt en krachtig maakt. Het boek is doordrenkt van geestige, levensechte dialogen die een levendig beeld schetsen van het leven op de ranch. De mannen praten grof, kortaf, en soms met een humor die bijna slapstickachtig is. Stoerdoenerij, seksuele spanning, onderlinge jaloezie. Steinbeck schrijft zulke scènes met een trefzeker oor voor hoe mensen écht praten, met humor als verdedigingsmechanisme tegen de leegte en de uitzichtloosheid van hun bestaan. Wat vaak onderbelicht blijft, maar een essentieel deel vormt van Steinbecks stijl, zijn de natuurbeschrijvingen. De roman opent met een bijna idyllisch tafereel aan de rivier, waar de wind door de wilgen blaast en het water zacht kabbelt. De natuur is een tegenwicht voor de wreedheid van de mens. Het landschap lijkt onverstoorbaar, terwijl de personages erin worstelen met hun dromen en tekortkomingen. De rust van het landschap contrasteert met de onrust van de mensen. En wanneer het verhaal richting zijn tragische ontknoping beweegt, voelt de natuur bijna als een getuige van iets onafwendbaars. Wat dit boek zo bijzonder maakt, is de manier waarop Steinbeck Lennie neerzet. Hij beschrijft hem niet met minachting of als karikatuur, maar met een mengeling van tederheid en onvermogen. En daarbij laat Steinbeck de spanning en het onbegrip die in Lennies omgeving ontstaat niet onderbelicht. Het slechte zelfbeeld en de onzekerheid van Lennie worden pijnlijk voelbaar in het boek. Hij begrijpt niet waarom dingen fout gaan, maar hij voelt wel de schaamte en angst die dat oproept. Hij weet dat George vaak boos op hem is, en zijn grootste angst is niet om gestraft te worden, maar om George kwijt te raken. Zijn onschuld wordt door anderen gezien als domheid, zijn kracht als dreiging. En waar hij vooral liefde en veiligheid zoekt, vindt hij achterdocht en misverstand. Het onafwendbare noodlot waarmee het boek eindigt is schrijnend. Tot het einde blijft George Lennie in bescherming nemen. Al moet hij daarvoor een ultieme daad stellen. Het aangrijpende, huiveringwekkende einde. Wat dit nog intenser maakt is het onbegrip voor de hardheid en liefde waarmee George de keuze maakt. Slechts één van de vier mannen begrijpt George. Waar de één alleen ziet wat er feitelijk is gebeurd, begrijpt de ander de morele en emotionele dimensie, het offer, de liefde, de wanhoop. Daarmee zegt Steinbeck iets dieps over empathie: dat sommige mensen niet in staat zijn om de ander werkelijk te zien, vooral wanneer die ander afwijkt van wat ‘normaal’ wordt gevonden. De tragedie van onbegrip. Het is zo’n klein boekje, maar met zoveel diepte, mooie lagen, humor en liefde door het gehele boekje heen. ‘Muizen en mensen’ is tegelijk geniaal en hartverscheurend. De humor maakt het menselijk, de natuurbeschrijvingen geven het adem, maar het verdriet blijft het langst hangen. De hoop blijft in het verhaal terugkomen als een soort placebo voor de omstandigheden waarin de mannen zich bevinden. En toch, zelfs in dat mislukken van de droom zit iets moois. Want zolang George en Lennie hun droom deelden, waren ze niet alleen. In een wereld vol eenzaamheid was hun verbondenheid misschien wel het enige echt menselijke. John Steinbeck heeft met Muizen en mensen een kort maar krachtig meesterwerk geschreven dat evenveel zegt over de menselijke geest als over de samenleving waarin die geest probeert te overleven. Het is een verhaal over vriendschap, beperking, misverstand en compassie. Het boek laat je lachen, huiveren en stil worden. En vooral: het laat je voelen hoe diep de behoefte aan erkenning en genegenheid in elk mens geworteld zit. Zelfs in wie de wereld niet begrijpt, of door de wereld niet begrepen wordt. Muizen en mensen van John Steinbeck, vertaald door Peter Bergsma en uitgegeven door Van Oorschot in 2018. Ben je nieuwsgierig geworden? Dit boek kan je onder andere bestellen via deze link.
0 Opmerkingen
Ik bleef me vastklampen omdat ik niet kon loslaten. Nu laat ik los omdat ik me niet meer kan vastklampen. ‘Ex-vrouw’ is een klassieker in de literatuur over vrouwen en veroorzaakte toen het boek in 1929 uitkwam een kleine sensatie. Als een steen in de vijver. Onder het pseudoniem Ursula Parrott gaf de schrijfster een stem aan een vrouwelijke ervaring die tot dan toe amper verwoord was: die van de moderne vrouw na het huwelijk. En ook nu, bijna een eeuw later, blijft het boek opmerkelijk fris, intelligent en pijnlijk herkenbaar. Patricia, een jonge vrouw in New York, bevindt zich in een ruimdenkend en moeizaam huwelijk. Haar man pleegt regelmatig overspel en zij kijkt de andere kant op. Totdat ook zij op een moment een buitenechtelijk avontuur beleeft. Dan blijkt het huwelijk niet zo ruimdenkend te zijn en besluiten Peter en Patricia te scheiden. “Het huwelijk is als een oorlog, een ervaring die geen avontuurlijk man uit de weg gaat, maar geen verstandig man herhaalt.” We volgen Patricia het grootste gedeelte van het boek als ex-vrouw in een leven vol glamour in New York in de Jazz Age. Ze kleedt zich zorgvuldig, heeft een goede baan, stapt nachten door met haar vriendinnen en ontmoet nieuwe vrienden. Terwijl ze zich een weg baant door feestjes, affaires, werk en reflecties op haar verleden, wordt langzaam duidelijk hoezeer haar identiteit vervlochten is geraakt met die van haar voormalige echtgenoot. “Een ex-vrouw is een vrouw met een verdraaide nek van het achterom kijken naar haar huwelijk.” Ze is niet alleen iemand die ‘ex-vrouw’ is, ze is in de ogen van velen zijn ex-vrouw en haar bestaansrecht en betekenis lijken voort te komen uit haar relatie met hem. Parrotts stijl is soepel, modern en helder. Ondanks dat het boek bijna honderd jaar oud is, leest het plezierig en eigentijds. De dialogen zijn levendig, de beschrijvingen helder en beeldend en ook de gedachten en beleefwereld van Patricia zijn fijn om te lezen. Parrott schrijft met humor en flair waardoor het een amusant en vermakelijk boek is om te lezen. “Elke ochtend doe ik gymnastiekoefeningen; en als er niets dringends tussenkomt, wijd ik elke avond tien minuten aan de nagedachtenis van een atletische jeugd.” Het maakt het gemakkelijk om je in te leven in de hoofdpersoon en neemt je mee door het leven in New York. De karakters zijn zorgvuldig opgebouwd in het boek, ook Peter. Hij is charmant, getalenteerd, maar ook gemakzuchtig en emotioneel onvolwassen. “We waren allebei te jong, we waren allebei verwend. Het doet er niet meer toe. Al wat resteert van ons vermogen om elkaar in vuur en vlam te zetten, is een wonderbaarlijk talent om elkaar te doen huiveren.” Patricia houdt van hem, maar beseft dat ze bij hem altijd tekort zal schieten. Patricia is een karakter wat fenomenaal opgebouwd wordt in het boek door ons mee te nemen in haar twijfels, haar gedachten en gedrag. “Als ik aan gymnastiek doe, voel ik me een warm, levend dier dat in een weide rollebolt. Met drank vergeet je ook alles om je heen, maar dat voelt als een vrij door de ruimte bewegende geest, niet als een warm lichaam in een weide.” Ze maakt zich bijvoorbeeld druk om de oppervlakkigheid van de cocktailfeestjes waar ze zich op stort, maar blijft ze toch bezoeken. Ze vindt het gebrek aan authenticiteit in haar omgeving niet fijn, maar speelt het spel even hard mee. Dit maakt haar sympathiek, maar ook tragisch: ze is zich bewust van haar gevangenschap, maar weet niet goed hoe eruit te breken. Evenmin schildert Parrott het leven na de scheiding als een triomfantelijke overwinning. Er is vrijheid, ja, maar ook vervreemding, economische onzekerheid en eenzaamheid. Patricia moet zichzelf opnieuw uitvinden, zonder duidelijke handleiding en langzaam vooruitstruikelend heelt ze delen van haarzelf. “We zijn vrij. Laat me niet lachen! Vrij om onze eigen huur te betalen, vrij om voor onze eigen kleren te betalen en vrij om ons eigenaardigheden te laten welgevallen van drie tot acht mannen die op zakelijk vlak gezag over ons hebben, in plaats van dat we maar een echtgenoot tevreden hoeven te stellen.” Het boek laat zien dat een relatie en een scheiding een proces vol tegenstrijdigheden is waarin persoonlijke groei hand in hand gaat met verlies en verwarring. Ik merk dat het mij irriteert in het boek met hoeveel gemak er wordt gekeken naar het vreemdgaan van de man. Terwijl als de vrouw ontrouw is, al is het maar één keer, de hele wereld op de kop wordt gezet en de vrouw in een volkomen ander perspectief wordt geplaatst en zelfs verafschuwd wordt. En daarmee raakt dit boek precies de snaar waar het zo bekend mee geworden is, namelijk de rol van de vrouw in een relatie. Ook het identificeren met de relatie en daar weer los van kunnen komen als ex-vrouw loopt als rode draad door het boek. Een zin die dat prachtig illustreert is: “de zondagse namiddagzon bescheen Peeters ex-vrouw, die met ferme pas uptown liep, door de drommen vermakelijke mensen die van copieuze maaltijden kwamen.” Het is een kort fragment, bijna terloops, maar het raakt een fundamentele thematiek in dit boek. Zelfs als ze alleen loopt, denkt ze aan zichzelf als een afgeleide van hem. Ze is niet de hoofdpersoon van haar eigen leven, maar een schim in het decor van de zijne. Dit blijft toch iets wat denk ik herkenbaar is voor veel vrouwen en ook in veel boeken terug blijft komen. Het doet mij denken aan het boek ‘Een eigen gezicht’ van Benoît Groult en ‘Neerslag van een huwelijk’ van Mensje van Keulen. Alle drie beschrijven vrouwen die zich bewust worden van de manier waarop hun leven gedefinieerd wordt door hun man en relaties en hoe moeilijk het is om die greep los te maken, zelfs als je gescheiden bent. “Toch zal ik blijven hopen, zolang ik jong ben, zolang ik leef, dat ik in een verre stad mijn grote liefde zal hervinden.” In alle drie de gevallen had ik als lezer een vergelijkbaar gevoel: bewondering voor de manier waarop deze gedachten en het gedrag beeldend vertaalt wordt, maar ook een zekere weemoed, omdat de bevrijding altijd gepaard gaat met verlies en eenzaamheid. Het is een tijdloze thematiek. ‘Ex-vrouw’ is een roman die je niet alleen leest, maar ook voelt. Het is een boek dat je aan het denken zet over rollen, verwachtingen, vrijheid en liefde. “Ik denk niet langer over mezelf als Ik, een verschrikkelijk belangrijk persoon. Ik denk dat ik een interessant voorbeeld ben van een ongebonden, wereldse vrouw. Slachtoffer van de nieuwe vrijheid, die me ongevraagd in de schoot is geworpen.” Over hoe makkelijk het is om je identiteit te laten bepalen door een ander en hoe moeilijk het is om die terug te claimen. Maar ook over hoe je, ondanks alles, jezelf kunt blijven vinden in de fragmenten van wat ooit was. Een absolute aanrader voor wie houdt van intelligente, ironische literatuur met een feministisch bewustzijn. Het is een kenmerkend boek in de vrouwelijke literatuur en onmisbaar voor iedereen die zich daarin wil verdiepen. “Voeg bij dat vonnis een compleet assortiment jeugdige illusies, een gelukzalig vertrouwen, een komisch gebrek aan gezond verstand en een onschuldige gezichtsuitdrukking, ja, dan zal het zijn alsof ik nooit getrouwd ben geweest.” Ex-vrouw van Ursula Parrott, vertaald door Lisette Graswinckel en uitgegeven door Atlas Contact in 2024. Ben je nieuwsgierig geworden? Dit boek kan je onder andere bestellen via deze link. |
Wie ben ikMijn naam is Anne Kleefstra. Ik lees al mijn hele leven graag. Vele vakanties en vrije uurtjes heb ik met mijn neus in de boeken doorgebracht. En ik vind het heerlijk! Categorieën
Alles
Archieven
December 2025
|


RSS-feed