Liefde is geduldig, liefde is dienstbaar, liefde is niet jaloers. Ze is niet opvliegend. Ze koestert geen wrok. Ze verheugt zich niet in onrecht, maar juist in de waarheid. Ze verdraagt alles, heeft altijd vertrouwen, blijft altijd hopen, houdt altijd stand, liefde vergaat nimmer. ‘De liefde’ is een boek van François Bégaudeau wat hij in 2023 heeft gepubliceerd en dat in 2025 vertaald door Lies Lavrijsen in het Nederlands is uitgebracht. Bégaudeau laat zien hoe hij met een scherp oog en een precieze pen menselijke relaties kan ontleden. Dit boek is geen conventioneel liefdesverhaal vol dramatiek of romantische spanning, maar een klinisch nauwkeurige, soms droogkomische, soms wrange dissectie van hoe liefde ontstaat, functioneert, schuurt en slijt. Het boek schetst het realistische beeld van een relatie. Het daagt je uit om voorbij de clichés te kijken en waarbij het verhaal zich nestelt in de spanning tussen nabijheid en afstand, tederheid en irritatie, verlangen en verveling. Mijn verwachting van het boek was een meer reflectieve beschouwing op de liefde. Echter was dit een plezierige verrassing wat het boek ook geheel anders maakt dan vele andere boeken over de liefde. We maken kennis met Jeanne en haar allesverslindende verliefdheid voor Pietro die haar helaas niet ziet staan. Terwijl de realiteit van deze verloren verliefdheid zich hard aandient, begint ze een relatie met Jacques. Ze trouwen en leven vijftig jaar naast elkaar, samen in elkaars gezelschap. Bégaudeau schrijft in korte, soms staccato-achtige zinnen, die bijna essayistisch aandoen. Het lijkt alsof hij met een microscoop naar de relatie kijkt en elk detail wil noteren, zonder opsmuk of dramatische uitvergroting. Terwijl hij tegelijkertijd grote passages van het leven overslaat in het korte verhaal. Dialogen worden niet uitgesponnen, maar in fragmenten weergegeven. Dat maakt dit boekje bijzonder. Er is een afstandelijkheid in de toon, onderzoekend en bijna wetenschappelijk. En er is de herkenbaarheid van de observaties: kleine ergernissen, triviale gewoontes, het spel van aantrekken en afstoten, het zoeken naar balans tussen intimiteit en autonomie. Juist die wisselwerking zorgt ervoor dat het boek zich op een heel eigen manier laat lezen. Hoewel de toon vaak droog en observerend is, is de taal van Bégaudeau allerminst saai. Hij hanteert een subtiel ritme, waardoor de tekst bijna muzikaal wordt. Herhalingen, opsommingen en korte beweringen geven de roman een poëtische cadans. Wie houdt van meeslepende verhalen en psychologische diepgang in de klassieke zin, zal in De liefde misschien minder vinden wat hij zoekt. Maar wie zich laat meevoeren door de vorm, ontdekt een tekst die voortdurend trilt van dubbelzinnigheid en precisie. Bégaudeau presenteert liefde niet als een mysterieus gevoel, maar als een systeem van gedragingen, verwachtingen en gewoontes. Zijn personages bevinden zich in een voortdurende onderhandeling: hoe vaak zien we elkaar, wie neemt het initiatief, hoe verdelen we taken, hoe gaan we om met sleur? In plaats van de liefde te verheffen, trekt hij haar naar beneden, naar het alledaagse, naar de details die relaties werkelijk vormen. “Wat zou hij meenemen naar een onbewoond eiland? Zijn vrouw, om de was te doen. Wat zou zij nooit thuislaten als ze op vakantie gaat? Haar man, om hem te verzuipen.” Daarmee haalt hij de glans er niet per se af, maar maakt hij haar menselijk en tastbaar. Ondanks de vele mooie verhalen en beelden die zijn beschreven van de liefde, is dit boek een verademing. Het is herkenbaar, reëel en laat ook de ingewikkelde kanten van een lange relatie zien zonder opsmuk. Een liefde zoals de meeste mensen die beleven. Daarmee bevindt dit boek zich in het spanningsveld van idealen en werkelijkheid. Waar mijn beschreven verwachting van het boek al veel zegt over de idealen die ik verwacht in het boek, ontstond hier in de herkenbaarheid, de schrijfstijl en het alledaagse gezelschap een werkelijkheid dit past. Iedereen kent het verlangen naar passie, naar een allesoverheersende verbondenheid die alle moeilijkheden overstijgt. Maar de werkelijkheid is dat relaties vaak bestaan uit afspraken, praktische beslommeringen, kleine ergernissen en routinematige gebaren. En dat weet Bégaudeau je als geen ander te laten ervaren. Bégaudeau’s roman past binnen een bredere tendens in de Franse literatuur van de afgelopen decennia: een afkeer van romantische clichés en een voorkeur voor precisie, ontleding en stilistische strengheid. Het is in ieder geval een roman die het gesprek oproept: wat willen we van een boek over liefde? Troost, herkenning, spanning, analyse? Bégaudeau laat zien dat er ook een andere mogelijkheid is: liefde als onderwerp van dissectie. ‘De liefde’ van François Bégaudeau is een onconventioneel boek dat de je dwingt om de roze bril even af te zetten. Voor wie bereid is zich over te geven aan die klinische blik, biedt het boek een rijke, confronterende ervaring. Het laat zien dat liefde niet altijd groots of meeslepend hoeft te zijn, maar dat ze juist in de kleinste gebaren en routines haar ware gedaante toont. Het boek confronteert en onderzoekt. Het gaf mij ademruimte en vrijheid in de confrontatie met mijn eigen ideeën en verwachtingen. En misschien is dat wel de grootste kracht van Bégaudeau: hij schrijft niet om te troosten of te behagen, maar om ons wakker te schudden in de realiteit van ons eigen liefdesleven. De liefde van François Bégaudeau, vertaald door Lies Lavrijsen en uitgegeven door Tzara in 2025. Ben je nieuwsgierig geworden? Dit boek kan je onder andere bestellen via deze link.
0 Opmerkingen
Laat een antwoord achter. |
Wie ben ikMijn naam is Anne Kleefstra. Ik lees al mijn hele leven graag. Vele vakanties en vrije uurtjes heb ik met mijn neus in de boeken doorgebracht. En ik vind het heerlijk! Categorieën
Alles
Archieven
December 2025
|

RSS-feed