Planten kunnen zich niet verweren. Ze berusten erin dat ze kwetsbaar zijn en dat de wind met ze kan doen wat hij wil: hij kan ze aan flarden scheuren, met hun bladeren spelen en tussen hun stelen door waaien. Adania Shibli heeft met een ‘Een klein detail’ een beknopt en confronterend boek geschreven. Shibli heeft het gepubliceerd in 2016 en in 2023 is het in het Nederlands uitgebracht. Het is een boekje dat vanuit twee oogpunten en tijden kijkt naar het conflict tussen Israël en Palestina. De onrust sijpelt door het verhaal heen en nestelt zich in de mensen. Het is een gruwelijk verhaal wat voelbaar is in het hele boek zonder alle details van de gruwelijkheden. Zeker in een tijd waarin we nu leven met alle verschrikkelijkheden die plaatsvinden in dit conflict is dit een ontzettend confronterend boek wat mij meerdere keren koude rillingen heeft opgewekt. Het verhaal gaat over een jonge vrouw in Ramallah die onderzoekt wat er in 1949, een jaar na de oorlog die onder de Palestijnen bekend staat als De Catastrofe, met een jonge Palestijnse vrouw is gebeurt die gevangen is genomen door Israëlische soldaten. We maken kennis met de Israëlische commandant en volgen hem met zijn mannen door de woestijn om het gebied te ‘zuiveren’. Het gebied waarin ze zich bevinden is dor en woest. Het is alsof de natuur voortdurend dreigt binnen te dringen in de menselijke orde en deze te ontwrichten. In de tweede helft van het verhaal gaan we mee met de jonge vrouw uit Ramallah die onderzoekt wat er met de jonge Palestijnse vrouw is gebeurt tijdens de zuiveringen van het Israëlische leger. Ze begeeft zich op bekend en onzeker terrein. Het land wat ze vroeger zo goed kende is nu onbekend, onzeker en gevaarlijk voor haar. Door haar herinneringen, de oude kaarten die ze bij zich heeft en de verhalen van de mensen daar, leren we de destructie kennen die de Palestijnen hebben ondergaan. Het is een hartverscheurend verhaal zonder direct geconfronteerd te worden met de gruwelijkheden. Shibli speelt met symboliek en details die de nachtmerrie van de Palestijnen tot leven brengt. Zo is de commandant bijna obsessief bezig met zichzelf wassen, schone kleren pakken en proper zijn. Het is routine, een ritueel dat strikte discipline en controle uitstraalt. Hij zuivert zichzelf en zijn tent zoals hij ook het gebied zuivert van de Palestijnen, nauwkeurig en gedreven. Naast de menselijke structuren is er een constante dreiging vanuit de natuur, die in Shibli’s roman een eigen rol krijgt. Het gaat niet om spectaculaire confrontaties, maar om de voortdurende dreiging van het onbedwingbare. Een muggensteek, een slang in de woestijn, een hond die blaft: het zijn kleine signalen die de fragiliteit van de menselijke orde blootleggen. Die de kwetsbaarheid tonen van het woeste en dorre gebied vol ogenschijnlijke gevaren voor de militairen. De onzekerheid van de vrouw uit Ramallah weerspiegelt een diepgewortelde angst die onontkoombaar is. Ze betreedt het gebied dat ze zo goed kent van vroeger maar wat nu als een vreemde aanvoelt. De kleine Palestijnse dorpjes zijn weg en vervangen door steden, nederzettingen en landbouw. Toch gaat ze ervoor, gesteund door collega’s die zich wel vrij door de zones in het land mogen bewegen. “Er zijn mensen die de kunst verstaan zich precies tussen grenzen te bewegen en ze nooit te overschrijden, maar dat zijn er maar weinig en in ieder geval hoor ik daar niet bij. Zodra ik een grens zie, ren ik erop af en spring eroverheen, of ik overschrijdt hem stiekem, met één enkele stap. Dat doe ik niet bewust en ook niet vanuit een uitgesproken drang om grenzen uit te dagen, het is eerder een kwestie van domheid, want zodra ik over een grens heen ga, val ik in een diep gat van onzekerheid en verwarring. Het is dus eigenlijk eerder onhandig dan iets anders.” Ondanks dat ze dapper de grenzen overschrijdt blijft de angst iets fout te doen, ergens niet te horen of de regels te overtreden voelbaar. De onzekerheid en het gevoel van machteloosheid wat ontstaat is ontzettend knap beschreven door Shibli die dit gevoel tastbaar maakt en tot leven weet te brengen. Shibli gebruikt in dit boek een indirecte schrijfstijl waardoor de ergste gruwelijkheden uitblijven. Toch resoneert het gevoel van de nachtmerrie die zich daar al deze decennia afspeelt. Deze stijl maakt het boek literair bijzonder krachtig. Shibli laat zien dat de taal van de literatuur niet per se de taal van de feiten hoeft te zijn, maar dat er juist kracht ligt in het openlaten, in het laten resoneren van wat niet wordt gezegd. Het ritme van de tekst draagt bij aan de beklemming: het is niet snel of jachtig, maar geduldig, als de herhaling van de wasbeurten. Er is een cadans die de obsessie en de discipline voelbaar maakt. Daarnaast speelt Shibli met woorden. Met prachtige, poëtische bewoordingen beschrijft ze de omgeving die tot leven komt door haar woorden. De vele herhalingen met kleine variaties geven de gebeurtenissen grote betekenis. “De luchtspiegeling was het enige wat bewoog. De uitgestrekte, kale vlakten klommen trapsgewijs naar de hemel, zachtjes trillend onder het gewicht van de fata morgana. Het felle, verblindende licht van de middagzon onttrok de silhouetten van de lichtgele zandduinen bijna aan het zicht. Het enige wat er te zien was, waren de vage, doelloos glooiende omtrekken van heuvels, de lange, dunne schaduwen van de droge christusdoorn en de stenen die hier en daar op de hellingen lagen.” Het is een paradoxale schoonheid waarmee Shibli een wereld van angst, discipline en geweld beschrijft. De twee verhaallijnen die in dit korte boek over elkaar heen liggen en zich met elkaar verweven geeft mij een beklemmend gevoel. De gevolgen van de zuiveringen en oorlogen in al die jaren ervoor is voelbaar en benauwend. In het zwijgen en de angst ontstaat een beeld van een manier van leven die voor veel mensen inmiddels niet meer ander voor te stellen is. Het is een klein boek, maar met een enorme lading. Een uitdagend boek wat confronterend is en mij in angstige, verdrietige en kwetsbare stilte heeft gehuld. Het boek toont hoe literatuur in staat is om de werkelijkheid niet alleen weer te geven, maar ook te bevragen. Shibli’s roman is daarmee niet alleen een kunstwerk, maar ook een aanklacht, een herinnering, een spiegel. Het is een boek dat in al zijn huiveringwekkende stilte en spaarzaamheid des te luider klinkt, zoals dat zou moeten. Een klein detail van Adania Shibli, vertaald door Djûke Poppinga en uitgegeven door Koppernik in 2023. Ben je nieuwsgierig geworden? Dit boek kan je onder andere bestellen via deze link.
0 Opmerkingen
Laat een antwoord achter. |
Wie ben ikMijn naam is Anne Kleefstra. Ik lees al mijn hele leven graag. Vele vakanties en vrije uurtjes heb ik met mijn neus in de boeken doorgebracht. En ik vind het heerlijk! Categorieën
Alles
Archieven
December 2025
|

RSS-feed